Persinformatie
van de burgerbeweging 'Openheid over Irak'
www.OpenheidOverIrak.nu

Publieke omroep in staat van ontkenning
vanwege film ‘De Staat van Ontkenning’

31 augustus 2008

Op 28 augustus ging in Het Ketelhuis in Amsterdam de Nederlandse film ‘De Staat van Ontkenning’ in première. Komende maand dingt hij op het Nederlands Film Festival mee naar een Gouden Kalf. Vanwege een dreigende boycot door de publieke omroep heeft de film al vóór de première zowel zijn titel waargemaakt als zijn noodzaak aangetoond.

De film van Hedda van Gennep zet de overeenkomsten tussen vier voor Nederland traumatische kwesties op een rij: de Jodenvervolging, de politionele acties in Indië, het drama-Srebrenica en de kwestie-Irak. In al deze gevallen stak de Nederlandse politiek lange tijd liever de kop in het zand dan de pijnlijke waarheid onder ogen te zien en daar lering uit te trekken. De boodschap van de film is dat Nederland – dat toch regelmatig vooroploopt bij het aankaarten van misstanden elders in de wereld – grote moeite heeft om met de eigen misstanden om te gaan. Geconfronteerd met pijnlijke vragen en onthullingen vluchten politici en andere betrokkenen al snel in ontkenning. Inzake de kwestie-Irak is dat proces in volle gang.

Deze belangwekkende film zal het Nederlandse publiek echter niet via de publieke omroep bereiken, zo lijkt het, ook al is die in de persoon van de Joodse Omroep mede-opdrachtgever en -producent. Het Parool berichtte op woensdagavond 27 augustus dat de Joodse Omroep afziet van uitzending omdat ze vreest dat ze daarmee een politiek standpunt inneemt. De omroep zou co-producent Kleine Beer Films hebben laten weten ‘geen medewerking te willen verlenen aan programma’s die het voortbestaan van het huidige kabinet in gevaar zouden kunnen brengen’. Dit – juist politieke – standpunt roept de vraag op waarom de Joodse Omroep al in 2006 opdracht voor de film heeft gegeven.

Bovendien, wat het Parool niet schrijft is dat de film, met instemming van de Joodse Omroep, al op 29 mei stond geprogrammeerd voor uitzending op Nederland 2, maar toen uit de programmering werd verwijderd. Volgens de Joodse Omroep gebeurde dat op last van de zendercoördinator. Die zou de omroep hebben laten weten dat de film ‘geen nieuwe feiten aandraagt en geen documentaire zou zijn’. Een opmerkelijk standpunt, niet alleen omdat de vier ‘kwesties’ uit ‘De Staat van Ontkenning’ niet eerder vanuit één perspectief aan de orde zijn gesteld, maar ook omdat Nederland 2 regelmatig programma’s uitzendt die geen ‘nieuwe feiten aandragen’. Bovendien wordt de film gewoonlijk wel degelijk als documentaire beschouwd. Zo selecteerden de organisatoren van het aanstaande Nederlands Film Festival de film uit een groot aanbod van documentaires om in de categorie ‘Beste Documentaire’ mee te dingen naar een Gouden Kalf.

De gang van zaken rond ‘De Staat van Ontkenning’ bevestigt niet alleen de urgentie van de film, maar roept bovenal principiële vragen op over de rol, het functioneren en de politieke onafhankelijkheid van de publieke omroep. Juist nu de premier naar aanleiding van de affaire-Duyvendak alle politici, bestuurders, ambtenaren en journalisten opriep ‘na te gaan of ze verantwoording willen afleggen over zaken uit het verleden die een last zouden kunnen gaan vormen’, lijkt de omroep te hebben besloten het tegenovergestelde te doen.

De burgerbeweging ‘Openheid over Irak’ roept de media op deze kwestie met urgentie aan de orde te stellen.

Download hier het persbericht in WORD

Download hier het persbericht in PDF